Printerversie

Situatieschets omgeving

Het bivakhuis ligt direct achter het gemeentehuis en het heuvelplein, het dorpscentrum van Essen.
Onze dorpsdichter omschrijft dit als volgt:

Hartslag Heuvelplein 

Hier, in deze driehoek van
ruimte en lindebomen gaan 
verhalen van hand tot hand,
berichten van marktkramers,
zonnekloppers en passanten.
Hier duurt een zomeravond
langer, staat tussen terrassen
de tijd stil.
Aan gevels hangt nog de echo
van fanfares, laat licht zet
de pomp in lichterlaaie.
Hier, op dit plein van geroezemoes
en santé klopt van het dorp
het hart, de pols, de ziel.

Johan Van Oers, dorpsdichter

De plaatsnaam "Esschen" verschijnt voor het eerst in een plaatselijke oorkonde uit 1146. Berner van Rysbergen schenkt zijn vrijgoed Esschen in 1159 aan de abdij van Tongerlo: zo ontstond uit Nispen de heerlijkheid "Esschen-Kalmthout", die zes eeuwen lang kloostergoed bleef. Tot in 1789 werd de heerlijkheid door een schepenbank bestuurd en werd er recht gesproken naar aloude keuren.

Een restant van de oude abdijhoeven - die jammer genoeg stilaan verdwijnen - is de "Kiekenhoeve', nu een restaurant-taverne.

Pater Provisor woonde op het landgoed "De Greef' en verpachtte de rijke turfvelden.

Vele hedendaagse toponiemen ("De Vleet", "Moerven", "Papenmoer") evenals de nog bestaande turfvaarten stammen nog uit die voorbije tijden.

Tot eind 19e eeuw waren landbouw en veeteelt de belangrijkste bestaansmiddelen. In de eerste helft van de 20e eeuw trokken arbeiders naar de Antwerpse haven om hun brood te verdienen. Na de noordwaartse expansie van de haven, verschaft ze ook nu nog werk aan vele Essenaren, onder meer in de chemische bedrijven.

Plaatselijke werkgelegenheid kwam er dankzij het gemeentebestuur, dat inspanningen leverde om de gemeente te voorzien van een eigen industrieterrein ("De Rijkmaker"), waar ondertussen talrijke KMO's gevestigd zijn.


Vorige pagina: Adresgegevens Bivakhuis
Volgende pagina: Met de auto